Bij ons op school leer je over de echte wereld en jezelf.
Ontwikkelingsgericht Onderwijs (OGO): spelend en onderzoekend leren.
In al onze groepen werken wij met betekenisvolle thema's. We kiezen voor thema's waarin de echte wereld herkenbaar is en die aansluiten bij de belevingswereld en eigen ervaringen van de kinderen.
Het zijn thema's zoals naar de dokter gaan, de fietsenmaker, het restaurant.
We kiezen voor thema's waar je de werkelijkheid kunt naspelen, onderzoeken en waarin veel te ontdekken en te leren valt. Binnen OGO noemen we dit 'sociaal-culturele' activiteiten. Een sociaal-culturele activiteit is bijvoorbeeld winkelen: een activiteit die je terugziet in onze samenleving en waar allerlei (impliciete) regels aan verbonden zijn. Een regel bij het winkelen is dat je betaalt als je iets koopt.
Of we kiezen voor thema's die aansluiten bij de actualiteit. Zoals het organiseren van onze eigen Winterspelen, het houden van een debat met ouders tijdens de verkiezingen. We kiezen ook voor thema's met maatschappelijke kwesties zoals bijvoorbeeld duurzaamheid in de kledingindustrie.
Hoe ziet een thema eruit?
Startactiviteiten om de nieuwsierigheid te prikkelen.
Elk thema duurt zes tot 8 weken. Binnen het thema wordt gewerkt met sociaal-culturele activiteiten waarin kinderen specifieke rollen (na) spelen. Zoals het voorbeeld in de winkel. Daar kun je een klant zijn, de klant, de kassamedewerker, de vakkenvuller of de manager.
Een thema begint altijd met startactiviteiten, die de nieuwsgierigheid van de kinderen prikkelen en hen verbinden met de inhoud. Zoals bijvoorbeeld een bezoek aan de dierenwinkel vlakbij onze school.
De kinderen zien daar hoe de winkel is ingericht, welke dieren er zijn, wat er verkocht wordt.
Met deze ervaring gaan zij terug naar school en richten samen met de leerkracht de spelhoek in.
Er worden lijstjes gemaakt van wat er allemaal nodig is. Zo kunnen kinderen voorwerpen meenemen van huis en kijken we welke voorwerpen zelf gemaakt kan worden. Zoals bijvoorbeeld een krabpaal voor de poes. Niet alleen met spullen van uit huis richten we onze leeromgeving in. Kringloopwinkels zijn ons favoriete adres om echte en rijke materialen te kopen.
Vakken in samenhang.
Met de ervaringen en vragen die de kinderen hebben gaan we aan het werk. We praten, lezen en schrijven over het thema. De interesses van de kinderen verbinden we aan de bedoelingen van de leerkracht. Zo ontstaat er een betekenisvol en beredeneerd aanbod voor een aantal weken, welke wij vormgeven met ons plannings- en observatie instrument HOREB. HOREB staat voor handelingsgericht observeren en registreren. Leesteksten, schrijfopdrachten en reken-wiskunde activiteiten verbinden we aan het thema . Als we bijvoorbeeld het milieu onderzoeken, leren de kinderen staafdiagrammen maken om het afval in de klas in kaart te brengen.
Op onderzoek uit.
We dagen de kinderen uit om op onderzoek uit te gaan. Ze gaan zelf op zoek naar antwoorden door interviews en enquĂȘtes te houden, experimenten uit te voeren, gastlessen en workshops te organiseren. Hiervoor nodigen we graag mensen met kennis uit, zoals ouders, lokale ondernemers of vakmensen om hun expertise te delen.
Afsluiting van het thema.
Na zes tot acht weken hebben we antwoorden op onze vragen en hebben we veel kennis opgedaan.
Door met kinderen te praten over de activiteiten, hun eigen rol, het leerproces, oefenen ze allerlei verschillende vaardigheden en leren zij zichzelf beter kennen door deze gesprekken.
We presenteren wat wij geleerd hebben graag aan elkaar of de ouders. We organiseren een debat, nodigen hen uit voor een diner in het restaurant, leiden hen graag rond in ons kunstmuseum of houden een modeshow van onze nieuwe mode stukken gemaakt gerecycelde kleding.
We bereiden kinderen voor op hun toekomstige rol in de samenleving.
Met ons onderwijs ontdekken kinderen dat wat ze op school leren, direct relevant is voor hun leven en hun plek in de samenleving. Ze worden uitgedaagd tot onderzoeken, samenwerken en kritisch nadenken, waardoor ze zich ontwikkelen tot nieuwsgierige en betrokken burgers.
Onze school is een plek waar we samen leren voor het leven.
Op de foto's zie je de verschillende activiteiten binnen een thema.
Startactiviteiten.
Een thema beginnen we altijd met een startactiviteit, om de kinderen 'aan' te zetten. Vaak is dit na een schoolvakantie. Een act of toneelstukje op het schoolplein, door de leerkrachten bijvoorbeeld. Of met een excursie naar een museum, bibliotheek of fabriek. Ook gebruiken we boeken foto's, voorwerpen en verhalen om het thema tot leven te brengen en de interesse van de kinderen te wekken.

Opening van het thema: de ruimte met een act met een 'ingeslagen object' op het schoolplein

Tijdens het thema: Voormalig hockeyinternational Ellen Hoog laat haar Olympische Medaille de klas rond gaan tijdens haar verhaal over mindset, tijdens het thema Sport in groep 4.

Tijdens het thema: Achter de schermen bij de emballage tijdens het thema 'De Supermarkt'

Tijdens het thema: Op bezoek bij het modelbotenmuseum bij het thema 'Haven'

Tijdens het thema: Naar een echt kasteel om meer te leren over Ridders en kastelen.
Wetenschappelijke inzichten over OGO
De Werkschuit werkt als enige school in Haarlem vanuit het OGO concept.
We zijn als school ook aangesloten bij de Vereniging OGO.
Het OGO-concept heeft een stevige wetenschappelijke basis en heeft zich bewezen in de praktijk. OGO gaat uit van een holistisch mensbeeld. OGO scholen stimuleren kinderen om in hun ontwikkeling steeds een stap verder te zetten. Enkele onderzoeksresultaten op een rij:
- Leerlingen in OGO hebben een hogere intrinsieke en leermotivatie dan leerlingen in meer programmagerichte scholen. Daarnaast blijkt uit een onderzoek op drie OGO-scholen en drie programmagerichte scholen dat de leerlingen op de onderzochte OGO-scholen een hogere motivatie hebben voor het lezen van informatie teksten.
- De sociaal-emotionele ontwikkeling van leerlingen in OGO verloopt beter dan in het reguliere onderwijs. In groep 2 hebben de leerlingen een positievere werkhouding ontwikkeld en gaan zij op een prettigere manier met elkaar om.
- De ontwikkeling van schrijfvaardigheden in groep 3 en 4 verloopt in OGO beter dan in programmagerichte scholen.
- In groep 4 worden de vaardigheden om begrijpend te kunnen lezen beter beheerst in vergelijking met leerlingen in programmagerichte scholen.
- In de groepen 1 en 2 van Ontwikkelingsgerichte scholen vormt schematiseren een belangrijk onderdeel van het reken- wiskundeonderwijs. In de schoenenwinkel maken kinderen bijvoorbeeld een staafdiagram om zicht te krijgen op de beschikbare voorraad.
- Leraren in OGO weten de doelen voor reken-wiskundeonderwijs te verbinden aan betekenisvolle activiteiten. Dit zorgt voor betrokken leerlingen en goede resultaten.
De bijbehorende wetenschappelijke onderzoeken en ander relevante informatie van Ontwikkelingsgericht Onderwijs is te vinden op www.ogo-academie.nl